Daar stonden we dan. We hadden goed zicht op het podium waar een drumstel, een aantal elektrische gitaren en wat microfoons opgesteld stonden. Dat goede zicht was niet vanzelfsprekend want ik en mijn twee mede-concertgangers zijn niet de grootste mensen op aarde.

Als je ons drieën op een rij zou zetten, dan zouden we eruitzien als drie Daltons, maar dan zonder de snorren of de boevenpakken. Ik ben met mijn luttele 170 centimeter de grootste Dalton. De middelste Dalton is zo’n vijf centimeter korter en de kleinste Dalton is ook weer een centimeter of vijf korter.

De reus

Achter het podium begon op een groot scherm een video te spelen. Een teken dat het concert binnen de kortste keren zou beginnen.

Plotseling kwam er uit het niets een reus van achter ons vandaan. De reus wrong zich tussen de mensen door en bleef stil staan bij een vrouw die op hem gewacht leek te hebben.

Recht voor de middelste Dalton.

De middelste Dalton, niet op zijn mondje gevallen, sprak de reus aan. Hij vertelde op een niet zo vriendelijke toon dat hij het erg onbeschoft vond dat de reus zo voor hem ging staan.

De reus lachte en zei: “Ohjee, daar hebben we weer zo’n dwerg. Je weet, dat ze ook zitplaatsen hebben hier hè?!”

Deze reactie viel niet goed bij de middelste Dalton – of de middelste dwerg als het aan de reus lag. Hij werd nog feller en herhaalde nog maar eens hoe onbeschoft hij het gedrag van de reus vond.

De twee andere Daltons en de vrouw aan de zijde van de reus waren stil en namen wat tijd om de situatie te beoordelen.

“Ga je nu tegen alle lange mensen zeggen dat ze weg moeten? En waar moeten we anders staan dan?!” reageerde de reus.

De Dalton herhaalde dat hij het gedrag van de reus onbeschoft vond en dat de reus best wel wat meer rekening zou mogen houden met anderen.

De engel

Terwijl de reus de kritiek van zich af lachte, werd het hoofd van de middelste Dalton steeds roder. Het zou nu niet lang meer duren voordat er stoom uit zijn oren zou ontsnappen.

Maar net voordat de Dalton begon te koken handelde de vrouw die bij de reus stond als een engel. Ze ruilde van plaats met de reus en sloeg haar arm joviaal om de middelste Dalton heen. “Vind je het zo beter?” vroeg ze met een vriendelijke stem.

De Dalton kwam tot rust en de spanning die eerder heerste nam wat af. Toen de spanning minderde, kwam er wat meer rationaliteit in het gesprek.

“Ik kan er ook niks aan doen dat ik lang ben hè.” zei de reus met een glimlach.

De kleinste Dalton mengde zich in het gesprek en reageerde met een glimlach: “Maar wij kunnen er ook niks aan doen dat we klein zijn!”

De reus, de engel en de Daltons begonnen te lachen. De rust was weer wedergekeerd. De reus, de engel en de Daltons praatten daarna nog joviaal verder tot de artiesten het podium betraden en de luidsprekers de eerste klanken door de zaal verspreidden.

Het werd een prachtige avond.

A little more conversation

Wat ik zo mooi vind aan deze situatie is dat het een goede metafoor is voor zoveel andere zaken.

De Dalton, die klein is, vind dat hem onrecht is aangedaan door de reus, die groot is. De reus ontneemt met zijn voordeel in lengte namelijk het uitzicht van de Dalton.

De ene partij heeft nu iets dat de ander wil – een goed uitzicht – en dat leidt tot protest.

De reus handelde naar zijn weten niet verkeerd. Hij had net zoveel recht op een plaats in het stadion als de dwerg. Maar in de ogen van de Dalton handelde de reus wél verkeerd. De reus ontnam namelijk zijn uitzicht en dat vond de Dalton oneerlijk.

Uiteindelijk liet de engel zien dat beide personen een goed uitzicht konden hebben, ondanks hun verschil in lengte.

En iedere concertganger kan ook gewoon een fijne avond hebben.

Zolang we ons maar beseffen dat niet iedereen hetzelfde is. Dat sommige mensen groot zijn, en sommige mensen klein.

En dat we ondanks die verschillen met elkaar in gesprek blijven gaan. Zodat we elkaar begrijpen en niet van elkaar vervreemden.

Om zo een concerthal te hebben waarin iedereen een fijne avond kan hebben.


Deel dit artikel: