De Pietendiscussie is weer in volle gang. De één vindt Sinterklaas een kinderfeest, de ander vindt het racisme. De geërgerde voor- en tegenstanders van het Sinterklaasfeest hebben tegenstrijdige belangen die tot een dilemma leiden waar we niet zo gemakkelijk van af komen.

Het woord van Twan Huys

In RTL Latenight zag ik dat presentator Twan Huys een gast onder valse voorwendselen naar de studio van de talkshow had gehaald. Jenny Douwes dacht in de talkshow een gesprek te hebben over haar rol in de rechtszaak tegen snelwegblokkeerders. Douwes maakte namelijk vorig jaar in november deel uit van een groep mensen die de snelweg blokkeerde om anti Zwarte Piet demonstranten tegen te houden.

Het leek erop dat Huys aan Douwes beloofd had dat het over de rechtszaak zou gaan. Maar tijdens de aflevering bracht Huys een anti Zwarte Piet demonstrant, Jerry Afrieye, aan tafel om een discussie los te maken. Douwes was het er niet mee eens: ‘Als ik geweten had wat het plan was, dan was ik hier niet naartoe gekomen’ Ze was verbouwereerd om het ontbrekende ethische besef van Huys ‘Jij hebt me net een woord gegeven en daar ga je je dus niet aan houden.’

We zijn ook maar mensen

Elk jaar leven kinderen door het hele land ongeduldig toe naar het moment dat de Sint met zijn pakjesboot uit Spanje aankomt. De aankomst is het begin van het Sinterklaasfeest dat al generaties lang kinderen én volwassenen blij maakt. Een groep mensen ziet Sinterklaas echter niet als een onschuldig kinderfeest maar als een vorm van racisme. Het beeld van een goedheiligman met uitsluitend zwarte knechten, dat gaat er bij hun niet in.

Als je zegt dat Sinterklaas racisme is, zeg je ook dat de mensen die het feest vieren racisten zijn. De mensen die Sinterklaas vieren zien het echter als een gezellig feest met het gezin. Ze zijn met het feest opgegroeid en hebben een beeld van blije kinderen die pakjes uitpakken terwijl ze smullen van strooigoed en andere lekkernijen. Mensen die in alle onschuld Sinterklaas vieren worden plotseling voor racist uitgemaakt.

Het verschil tussen denken en doen

Uit ervaring weet ik hoe dit overkomt en hoe mensen reageren op zulke beschuldigingen. Elke keer als mensen me vroegen waarom ik veganist was geworden, antwoordde ik met ‘Omdat ik het niet eens ben met de manier waarop we met dieren omgaan.’ De mensen die het vroegen voelden zich dan aangevallen en begonnen zich te verdedigen.

Die verdediging is een symptoom van cognitieve dissonantie; een gevoel van spanning wanneer mensen handelen in strijd met hun eigen overtuiging. Want diep van binnen weten de mensen ook wel dat we op een moreel verwerpelijke manier met dieren omgaan. Maar omdat ze toch dierlijke producten consumeren, proberen ze dat gedrag goed te praten voor hun eigen gemoedsrust. Iedereen heeft zijn eigen overtuigingen en prioriteiten en ik zou niemand dwingen om die bij te stellen. Als iemand me nu vraagt waarom ik veganist ben geworden, antwoord ik met ‘Waarom eet je vlees?’ Vaak komen we zo tot een heel ander gesprek.

De voorstanders van het sinterklaasfeest voelen zich aangevallen, net als de mensen die naar mijn veganisme vragen. Want als ze de argumenten horen van de tegenstanders, of zelf kritisch naar het feest kijken, weten ze ook wel dat het feest niet helemaal onschuldig is. Omdat hun gedrag afwijkt van wat ze weten, proberen ze het voor zichzelf goed te praten: ‘Het is een kinderfeest!’

Er zijn overigens ook mensen die helemaal niet luisteren naar de argumenten van de tegenstanders en die het feest ook niet kritisch bekijken. Deze mensen hebben geen last van cognitieve dissonantie, maar van een ernstig vervormd wereldbeeld waarin alles dat ze geloven een ultieme waarheid is die niet in twijfel mag worden genomen.

Het einde van Sinterklaas

Voor- en tegenstanders staan lijnrecht tegenover elkaar. Ze gaan niet met elkaar in gesprek om gezamenlijk tot een oplossing te komen. Soms schuiven ze aan bij een talkshow zoals RTL Late Night, maar de gespreksleiders zijn uit op sensatie en werken niet mee aan een betere verstandhouding tussen beide partijen.

Er is vast wel een oplossing om de strijdbijl te begraven. Voor een kinderfeest is de kleur en klederdracht niet zo belangrijk, en de liedjes ook niet. Zoals de ouders zongen ‘Sinterklaasje, kom maar binnen met je knecht, want we zitten allemaal even recht’, zo zingen de kinderen ‘Sinterklaasje, kom maar binnen met je Piet, want we zingen allemaal blij een lied.’

De ouders groeiden op met Zwarte Pieten, de kinderen met Roetveegpieten. De veranderingen gaan niet ten koste van het plezier dat de kinderen aan het feest beleven. Hetgeen wat de ouders dan ook dwarszit, is niet dat het feest voor hun kinderen wordt verpest, maar dat het voor hen wordt verpest.

Voorstanders van Sinterklaas zijn bang dat het feest steeds verder ontmanteld wordt totdat het geen sinterklaasfeest meer is. Ze zijn bang dat de traditie zal sneuvelen en dat andere tradities mogelijk ook zullen sneuvelen.

Het Sinterklaas dilemma

Is het rechtvaardig dat een feest gevierd wordt waar mensen door gekwetst worden? En is het rechtvaardig dat een feest zodanig veranderd wordt dat mensen gekwetst worden? Om deze vragen te beantwoorden is het goed om te verkennen wat rechtvaardigheid is.

De klassieke definitie van rechtvaardigheid stamt af van de Romeinse jurist Ulpian die in de derde eeuw na Christus leefde:

‘Rechtvaardigheid is de vaste en duurzame wil aan ieder het zijne toe te delen.’

Een soortgelijke boodschap deelde de schrijfster en filosofe Ayn Rand met haar filosofie die ze Objectivisme noemde:

[…] je hoogste morele doel zou het nastreven van je eigen egoïstische geluk moeten zijn. Egoïsme kan verkeerd worden geïnterpreteerd. Het betekent niet; anderen uitbuiten voor je eigen spel. Het betekent; realiseer je hoogste potentieel door rationele doelen na te streven en in harmonie te leven met anderen door hun recht op hun eigen leven en geluk te respecteren.’1

De klassieke definitie van rechtvaardigheid en het Objectivisme delen een zelfde boodschap: ieder persoon zou moeten krijgen wat hem toekomt, mits dat niet ten koste gaat van anderen. Maar soms lijkt het dat niet iedereen kan krijgen wat hem of haar toekomt.

De voorstanders van Sinterklaas worden gelukkig van het feest. Maar in het nastreven van hun geluk, ontnemen ze de mogelijkheid van de tegenstanders om hun geluk na te streven. Want hoewel het voor de voorstanders een onschuldig feest is, voelt het voor de tegenstanders als een kwetsende herinnering aan een donker verleden.

Dit noem ik het Sinterklaas dilemma:

Voorstanders willen Sinterklaas vieren, tegenstanders willen het feest afschaffen. Als de voorstanders hun zin krijgen, zijn de tegenstanders ongelukkig, als de tegenstanders hun zin krijgen, zijn de voorstanders ongelukkig.

De waarde die alle mensen delen

De filosoof Sam Harris meent dat alle mensen één hoofdwaarde delen: het minimaliseren van leed en het maximaliseren van geluk. In het Sinterklaas dilemma zitten twee tegengestelde belangen en om het leed te minimaliseren en het geluk te maximaliseren zouden beide partijen elkaar tegemoet moeten komen. Of dit mogelijk is zal de tijd uitwijzen. Wat in ieder geval niet lijkt te werken is om van een afstand naar elkaar te schreeuwen of om elkaar van dichtbij in de haren te vliegen.

Wat misschien wél werkt is om de voor- en tegenstanders van het feest met elkaar in gesprek te laten gaan. Géén discussies bij kijkcijfergeile talkshowhosts, maar goede gesprekken bij deskundige gespreksleiders. Gespreksleiders die weten hoe ze een constructieve dialoog kunnen begeleiden.

Dit zou de tijd kunnen zijn waarin we geschiedenis schrijven. Géén tijd waarin een traditioneel kinderfeest wordt opgeheven, maar een tijd waarin een multicultureel kinderfeest ontstaat dat symbool staat voor verbondenheid in plaats van verdeeldheid.

Het is dan geen feest waarbij politieagenten nodig zijn om de feestvierders en demonstranten uit elkaar te houden, maar een feest waar iedereen welkom is. Met zo’n feest kunnen we zoveel mogelijk mensen gelukkig maken en tegelijkertijd zoveel mogelijk leed verdrijven.

Het feest leidt dan niet tot een land van verdeeldheid en spanningen, maar tot een land van begrip en harmonie.

En dat is een land waarin al onze kinderen werkelijk gelukkig kunnen zijn.


Deel dit artikel: