Het leven van een veganist gaat over rozen. Ik voel me beter sinds ik plantaardig eet en mijn gemoedsrust is een stuk kalmer nu ik weet dat ik mijn voeding bijdraagt aan een beter dierenwelzijn.

Maar het leven van een veganist gaat niet altijd over de fluweelzachte rozenbladen. Regelmatig gaat het ook over de stengels met vlijmscherpe doorns.

Varken

Ik eet, dus ik ben

Toen ik nog een omnivoor was die zowel plantaardige als dierlijke producten at, dacht ik anders over voeding. Wat ik consumeerde was een afweging van wat goed smaakte en wat goed voor me was. Hierin wist ik altijd vrij gemakkelijk een balans te vinden.

Maar nu ik veganist ben, is mijn kijk op voeding veranderd. Voeding is niet meer iets dat ik voor lief neem. Mijn eten reflecteert niet meer wat ik lekker vind, het reflecteert waar ik voor sta. Wat ik eet is een onderdeel geworden van mijn identiteit.

Plantaardig is een niet-onderhandelbare voorwaarde geworden voor alles dat ik eet. Dat is zo omdat ik vanuit elke vezel van mijn lichaam een sterke afkeer heb van de manier waarop wij met dieren omgaan.

Varkens in de bio-industrie

Waarom ik niet wil praten over veganisme

Wanneer ik niet thuis eet, ben ik altijd een vreemde eend aan de eettafel. Door mijn voedingspatroon ben ik anderen tot last omdat ik die ene gast ben waar ze meer moeite voor moeten doen.

Ik ben nooit degene die over mijn veganisme begint, maar het komt altijd ter sprake. Mensen zijn nieuwsgierig naar mijn voedingspatroon. Maar als ik vervolgens uitleg waarom ik veganist ben, vatten ze dat vaak op als een aanval op hun keuze om zowel dierlijk als plantaardig te eten.

Ik heb een hekel aan dit soort gesprekken omdat ze bij mij altijd een innerlijke strijd veroorzaken.

Enerzijds heb ik het beste met mensen voor en zie ik het liefste dat iedereen zich goed en gelukkig voelt.

Anderzijds zie ik dierlijke voeding als een verschrikkelijk iets dat bijdraagt aan het verwaarlozen, mishandelen en het vermoorden van onschuldige en weerloze dieren.

Dood varken

Een andere kijk op voeding

In mijn hoofd zit ik dan in de knoop. Ik weet hoe ik was toen bij mij het besef nog niet was gekomen van hoe erg de bio-industrie is. En ik weet ook dat de gesprekspartners dat besef nog niet hebben gehad. Voor hun is wat ze eten nog steeds gebaseerd op wat ze lekker vinden. Ze weten wel hoe erg de bio-industrie is, maar ze beseffen het nog niet. Het gat tussen iets weten en iets beseffen kan erg groot zijn.

Ik weet dat ik ook ooit zo was. Ik wist hoe dieren behandeld werden in de bio-industrie, maar ik besefte het me niet echt. Tot ik opeens een moment van inzicht kreeg. Het was alsof op een donkere nacht de bliksem insloeg en een kort moment alles verlichtte. Ineens werd alles helder. Er ging bij mij een knop om en plotseling vroeg ik mezelf af: ‘Waar ben ik mee bezig?’

Ik weet dat mijn gesprekspartners dat moment van inzicht niet hebben gehad. Ik weet hoe het was voordat ik het moment van inzicht kreeg. En daarom veroordeel ik mijn gesprekspartners ook niet. Maar diep vanbinnen zou ik ze het liefst bij de kraag willen pakken en in hun gezichten willen schreeuwen om ze duidelijk te maken wat voor leed ze allemaal veroorzaken.

Maar ik weet dat het niet werkt. Dus daarom huil ik van binnen. Niemand die daar last van heeft.

Vegan


Deel dit artikel: