Naar schatting van de Verenigde Naties zullen er 9,8 miljard mensen op deze planeet leven in 2050. 1 Dat zorgt voor uitdagingen. Een van de uitdagingen is de manier waarop iedereen gevoed zal worden. Volgens de Volkskrant zullen we de komende drie decennia de gevolgen van klimaatverandering onder andere gaan zien in de beschikbaarheid van landbouwgrond en water. En dat zullen we gaan merken in onze boodschappenmandjes en op onze borden, aldus de krant.

Earth overshoot day

In 2017 viel de ‘Earth overshoot day’ op 2 augustus. Dit was de dag dat we door alle grondstoffen heen waren die de aarde in een jaar kan aanmaken. Met andere woorden: de aarde heeft een jaar nodig om de grondstoffen te maken die we in 2017 in zeven maanden verbruikten.2

Het is alsof je elke maand meer geld uitgeeft dan dat er binnen komt. In eerste instantie kun je de rekeningen nog betalen van je spaargeld. Maar als het spaargeld op is zul je geld moeten lenen. Totdat je de rekeningen niet meer kunt betalen en failliet verklaard wordt. Om te voorkomen dat je failliet verklaard wordt, kun je ervoor kiezen om te bezuinigen.

Hetzelfde geldt ook voor de planeet. Als we nog lang willen genieten van alles dat de planeet ons biedt, zullen we er zuiniger mee om moeten gaan. Gelukkig is er een oplossing waarmee we voldoende kunnen bezuinigen zonder in te leveren op onze welvaart.

De bio-industrie

Om te bezuinigen zonder in te leveren op onze welvaart, hoeft slechts één industrie aangepakt te worden: de bio-industrie (ook wel bekend als de vee-industrie of intensieve veehouderij). De industrie die voedsel van dierlijke afkomst produceert, heeft een enorme impact op onze planeet. 33% van alle landbouwgrond wordt gebruikt om gewassen te produceren die als veevoer dienen.3 En om landbouwgrond beschikbaar te maken moeten bossen gekapt worden. Dit leidt tot verlies van natuur, biodiversiteit en erosie van de bodem.4 De gewassen die nu aan dieren worden gevoerd, zouden 4 miljard mensen kunnen voeden.5

BigKuikens en eiKip en kuikensKoeDe drie populairste diersoorten in de industrie zijn varkens (36% van al het vlees), pluimvee (33%) en runderen (24%).6 Om een kilo varkensvlees te produceren is 2 à 3 kilo granen nodig. Voor een kilo kippenvlees is ook 2 à 3 kilo nodig. Voor een kilo rundvlees is 5 tot 20 kilo nodig.7

100 dagen douchen

Voor de productie van vlees wordt veel water gebruikt. Om het vlees te produceren dat een persoon in een jaar eet wordt ruim 1.500.000 liter water gebruikt.8 Om je een indruk te geven van hoeveel dat is: als je nu je douche aanzet, dan hoef je deze pas na ruim 100 dagen uit te zetten om aan hetzelfde aantal liters te komen.9

Naast het hoge verbruik van granen en water, zorgt de vee-industrie ook voor een hoge uitstoot van broeikasgassen. Volgens de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties zorgt de vee-industrie voor 14,5% van alle uitstoot van broeikasgassen. Dat is net zoveel als alle transport bij elkaar.10

Voor voedsel van dierlijke afkomst zijn dus veel granen nodig, wordt veel water verbruikt en worden veel broeikasgassen uitgestoten.

Levende machines

Maar naast de impact op het milieu heeft de bio-industrie nog een nadeel. De machines die gebruikt worden om de granen om te zetten in vlees zijn namelijk levende wezens. Levende wezens die zelfbewust, intelligent, empathisch, sociaal, speels en gevoelig zijn.11 Het zijn levende wezens zoals wij. Maar in de bio-industrie worden ze behandeld als levenloze producten. Ze worden bij de moeder weggehaald, gecastreerd, in kleine hokken gestopt en volgepropt met voedsel, antibiotica en hormonen.12 En de enige keer dat de dieren buiten komen is wanneer ze naar het slachthuis gaan.13

Als ik het zo vertel zou je haast denken dat mensen die dierlijke producten consumeren gevoelloze monsters zijn. Maar het tegendeel is waar: het zijn wezens die zelfbewust, intelligent, empathisch, sociaal, speels en gevoelig zijn. Vaak hebben ze zelfs dieren in huis waar ze van houden alsof het hun eigen kinderen zijn. De bio-industrie is er echter in geslaagd om de gevoelens van mensen weg te nemen bij de aanschaf van dierlijke producten.

Dierlijke producten worden als gemaksgoederen verkocht: vlees, zuivel en eieren zijn gemakkelijk beschikbaar en vergen weinig inspanning van de consument. Het consumeren van dierlijke producten is daardoor een gewoonte geworden waar weinig mensen bewust bij stilstaan.

Kweekvlees

Aan het begin van dit artikel beloofde ik een oplossing om 9,8 miljard mensen te kunnen voeden in 2050. Momenteel worden er miljoenen geïnvesteerd in zogenaamd ‘kweekvlees’. Dit is vlees dat in een laboratorium gekweekt wordt uit dierlijke cellen. Hoewel het erop lijkt dat deze initiatieven de milieu-impact en het dierenleed verminderen, is het niet de meest ideale oplossing. Om kweekvlees te kunnen maken zijn nog steeds dieren nodig. Het gebruiken van levende wezens als werktuigen om voedsel te produceren is onrechtvaardig. De slogan van dierenrechtenorganisatie PETA slaat de spijker op zijn kop:

“Dieren zijn niet van ons om te eten, te dragen, te experimenteren, te gebruiken voor entertainment of op een andere manier te misbruiken.”14

Een knappe constructie

Het is niet aan ons om te beslissen over de levens van andere diersoorten. Daarnaast is het ook onnodig. In plaats van levende wezens te gebruiken om plantaardige voeding om te zetten in dierlijke voeding, kunnen we zelf plantaardige voeding eten. De bio-industrie is een knappe constructie. Het lijkt op een industrie die draait om het creëren van voedsel. Maar in werkelijkheid is het een industrie die draait om het creëren van economische waarde.

Denk daar eens over na.

Voor een industrie die voedsel produceert is het vreemd dat ze meer voedsel verbruikt dan dat ze oplevert. Ze verbruikt twee tot twintig kilo plantaardige voeding om één kilo dierlijke voeding te produceren. Daarmee verbruikt de industrie meer voedingswaarde dan ze levert. Het is alsof een energiemaatschappij bomen kweekt, ze verbrandt en dan het houtskool als energieproduct verkoopt.

Sterven of floreren

De bio-industrie is een industrie die maatschappelijke en economische waarde creëert door 1,3 miljard mensen aan het werk te houden met het vernietigen van de planeet. Een industrie die daarnaast ook nog eens 65 miljard levende wezens per jaar vermoord.15 Dat zijn 8,5 keer meer dieren die geslacht worden dan dat er mensen leven.

In het begin van dit artikel schreef ik dat de Volkskrant verwacht dat we de komende 30 jaar de gevolgen van klimaatverandering zullen gaan zien. Volgens de krant zouden we dit gaan merken in onze boodschappenmandjes en op onze borden. Maar waarom zouden we wachten totdat het water aan onze lippen staat?

De vee-industrie is afhankelijk van mensen die dierlijke producten kopen. Wil je bijdragen aan een stervende planeet of wil je bijdragen aan een florerende planeet? Je kiest zelf in welke wereld je wil leven. En die keuze maak je nu al met de inhoud van je boodschappenmandje en met wat je op je bord legt.

 

Geraadpleegde bronnen:

Bregman, R.: Hierdoor werd ik in één klap vegetariër (en jij misschien ook)

De Volkskrant: De Voedselzaak

Global Footprint Network: Earth Overshoot Day

Greenpeace: De milieu-impact van vlees en andere dierlijke producten

Inhabitat: INFOGRAPHIC: The True Environmental Cost of Eating Meat

Kropman, R.: Wat is bio-industrie?

Mooney, C.: Your shower is wasting huge amounts of energy and water. Here’s what you can do about it.

PETA: Homepage

The Economist: Meat and greens


Deel dit artikel: